|
TONZON
Vloerisolatie versus PUR-schuim
Het isolerend effect van TONZON
Thermoskussens is in de praktijk veel hoger dan dat van
PUR-schuim. Aan een vloer met TONZON Thermoskussens met 3
luchtkamers mag bij de bepaling van het Energielabel Rc=3,8
m2K/W worden toegekend. Bij PUR wordt vaak maar een laagje van 6 cm (of minder)
gespoten. De laboratoriumwaarde van zo'n laagje is R=2,5.
Omdat het drijfgas waarmee wordt gespoten in korte tijd
vervangen is door gewone lucht is de werkelijke
isolatiewaarde van het laagje PUR in de praktijk al veel
minder. Dit is een van de redenen waarom bij de bepaling van
het Energielabel aan 6 cm PUR slechts een Rc=1,65 m2K/W
worden toegekend ipv R=2,5 waar de leveranciers nu nog mee
schermen.
Vaak is het laagje
in de praktijk ook zeer onregelmatig van dikte en de zijn de dunne
plekken veel minder dan 6 cm, waardoor de werkelijke waarde
nog lager uitvalt. Tot overmaat van ramp
worden ook de funderingsmuren van binnenuit onder de PUR
gespoten. Dit versterkt de koudebrug met de fundering omdat
de afkoeling naar buiten onverminderd doorgaat. Het
energiebesparend en comfortverhogend effect van een laagje
PUR zoals dat tegenwoordig wordt aangebracht, is daardoor
zeer beperkt. Om een echte remming te krijgen van de
warmtestroom zou de minimale laagdikte veel en veel dikker moeten
zijn.
Daarbij
belast TONZON Vloerisolatie het milieu veel minder dan PUR-schuim (PDF-milieuclassificatieblad)
en is bovendien mensvriendelijker te verwerken. Het kan door
een gewone aannemer of gespecialiseerd bedrijf worden
aangebracht. Zelfs een doe-het-zelver kan het aanbrengen
wanneer hij er even zich in verdiept. Er zijn echter ook
belangrijk technisch verschillen waardoor TONZON
Vloerisolatie in de praktijk te verkiezen is boven PUR-schuim.
De belangrijkste is wel dat bij TONZON de gehele vloer
warmer wordt, inclusief de randen, terwijl PUR-schuim de
koudebrug met de fundering versterkt waardoor de randen van
de vloer kouder worden dan voorheen. Dit blijkt uit praktijk
onderzoek (PDF-rapport)
en is eenvoudig te verklaren. De PUR wordt niet alleen tegen
de onderkant van de vloer gespoten, maar ook op de
binnenkant van de buitenfundering, die daardoor kouder
wordt. De afkoeling naar de koude grond buiten gaat immers
onverminderd door terwijl van binnenuit geen/minder warmte
uit de kruipruimtebodem kan worden opgenomen. De funderingen
zelf worden daardoor kouder en ontrekken meer warmte aan de
vloer en het binnenspouwblad. De koudere randen gaan
gepaard met een hogere RV van de lucht in de grenslaag,
waardoor huisstofmijten betere leefomstandigheden wordt
geboden en schimmels eerder een kans krijgen.
Ander technische nadelen van PUR-schuim zijn:
- PUR-schuim wordt drijfnat aan de onderkant.
- Het drijfgas waarmee wordt gespoten wordt verdrongen door
lucht waardoor de laboratoriumwaarde in de praktijk snel
terugloopt.
- het is moeilijk een gelijkmatige laag te spuiten. In de
praktijk ontstaat vaak een pokdalige onderkant, waardoor het
afkoelende oppervlak sterk wordt vergroot. Bij het bepalen
van de dikte zou men niet de gemiddelde dikte moeten
bepalen, maar uit moeten gaan van de dunste plekken. Vaak is
in de omgeving van het luik dikker gespoten dan verderop.
|
effect TONZON op vloertemperatuur
niet te evenaren met PUR

Een laagje PUR tegen de vloer
heeft maar weinig effect op de vloertemperatuur. Zelfs
een zeer dikke laag (dat onbetaalbaar wordt) kan nog niet
hetzelfde effect bereiken op de vloertemperatuur..
Het
onderspuiten van de buitenfunderingen doet afbreuk aan de
isolatie. Het versterkt de koudebrug met de oplegging

rechter deel van de
fundering was 4 dagen geïsoleerd van de kruipruimte en
blijkt na het verwijderen van de isolatie veel kouder dan
het linker deel dat niet was geïsoleerd. |